Omnyacc

27 januari 2026

Btw-regels bij verhuur van niet-geïntegreerde zonnepanelen

Je plaatst zonnepanelen op daken, blijft eigenaar van de volledige installatie en verhuurt deze vervolgens. Hoe wordt in dat geval de btw geregeld? De Belastingdienst gaf hier recent duidelijkheid over.

Casus: installatie en verhuur zonnepaneleninstallatie

De casus uit de aan de Belastingdienst gestelde vraag was als volgt. Een ondernemer plaatst niet-geïntegreerde zonnepanelen op grote daken. De ondernemer blijft zelf eigenaar, maar verhuurt de installatie aan de gebruiker van het gebouw waarop de zonnepanelen zijn geplaatst.

Naast de niet-geïntegreerde zonnepanelen maken ook de volgende zaken onderdeel uit van de installatie: rasters waarop de zonnepanelen worden gelegd, kabels en kabelgoten, transformators, omvormers en een op maat gemaakte groepenkast. Als de zonnepanelen niet aan het dak worden bevestigd, gebruikt de ondernemer ook ballasttegels om de constructie te verzwaren.
In het Nederlandse civiele recht is de zonnepaneleninstallatie een onroerende zaak.

Voor btw geen verhuur onroerende zaak

Desondanks antwoordt de Belastingdienst dat de verhuur van de zonnepaneleninstallatie geen verhuur van een onroerende zaak is. De Belastingdienst oordeelt dat voor de btw de zonnepanelen roerend zijn, omdat ze afzonderlijk kunnen worden gebruikt en in bouwkundig opzicht geen onderdeel worden van de onroerende zaak waarop ze geplaatst zijn.

Let op!

Dit oordeel geldt niet voor geïntegreerde zonnepanelen. Geïntegreerde zonnepanelen vervullen ook een rol als dakbedekking en worden daarmee in bouwkundig opzicht onderdeel van de onroerende zaak. Geïntegreerde zonnepanelen zijn dus wel onroerend.

Nu de verhuur van de zonnepaneleninstallatie naar het oordeel van de Belastingdienst geen verhuur van een onroerende zaak is, zal deze verhuur altijd met btw belast zijn.

Geen btw-verlegging voor installateur

De ondernemer in de casus maakt voor de installatie van de zonnepanelen gebruik van de diensten van een derde. Deze treedt op als uitvoerder en hield supervisie en controle. De Belastingdienst oordeelt dat de btw-verleggingsregeling hier niet van toepassing is omdat de derde geen fysieke werkzaamheden verricht aan een onroerende zaak. De derde realiseert, in de visie van de Belastingdienst, immers een roerende zaak en geen onroerende zaak.

Gevolg van dit oordeel is dat de derde bij installatie van niet-geïntegreerde zonnepanelen altijd btw berekenen en deze niet mag verleggen naar de opdrachtgever/hoofdaannemer. Let wel dat in het geval van installatie van zonnepanelen op een woning, onder voorwaarden, een nultarief geldt.

Let op!

Ook in dit geval was het oordeel van de Belastingdienst anders geweest als het geïntegreerde zonnepanelen zouden zijn in plaats van niet-geïntegreerde zonnepanelen. Bij niet-geïntegreerde zonnepanelen is de btw-verleggingsregeling wel van toepassing.

Let op!

Ondanks dat de zonnepaneleninstallatie in het Nederlandse civiele recht een onroerend zaak is, neemt de Belastingdienst voor de btw een ander standpunt daarover in. Voor de heffing van de btw geldt namelijk een ander rechtskader en wordt niet in alle gevallen de Nederlandse civiele kwalificatie gevolgd.

Speciaal voor jou

UITGELICHT

Scholing en Personeel 2026
Heb je medewerkers in dienst die een opleiding volgen? Dan kun je mogelijk gebruikmaken van de subsidieregeling Praktijkleren. Daarnaast zijn er, afhankelijk van de voorwaarden, financiële bijdragen beschikbaar vanuit een Opleidings- en Ontwikkelingsfonds (O&O-fonds) en bestaan er diverse andere regelingen, zoals de SLIM-subsidie en regionale of sectorale subsidies. In deze advieswijzer lichten we de belangrijkste mogelijkheden toe.
Lees verder
arrow right
Kantoor aan huis 2026
Wonen en werken in hetzelfde pand lijkt aantrekkelijk, maar een kantoor aan huis is fiscaal niet altijd voordelig. Wanneer ziet de Belastingdienst jouw werkplek als een werkruimte en aan welke voorwaarden moeten jij, je onderneming en de werkruimte voldoen?
Lees verder
arrow right
Vraag buitenlandse btw over 2025 uiterlijk 30 september 2026 terug
Heeft je onderneming in 2025 btw betaald in een ander EU-land? Dien dan uiterlijk 30 september 2026 een verzoek in om deze buitenlandse btw terug te vragen. Bij een te late aanvraag wordt het verzoek door de buitenlandse Belastingdienst niet meer behandeld.
Lees verder
arrow right