Omnyacc

28 november 2025

Geen box 3-verhoging, wel hogere lasten eigen woning

Het kabinet ziet af van de geplande verhoging van het forfaitaire rendement met 1,78% in 2026 en 2027 en van de verlaging van het heffingsvrije vermogen. Daartegenover staat dat huiseigenaren met geen of een lage eigenwoninglening juist meer belasting zullen gaan betalen.

Geen extra verhoogd forfait overige bezittingen

Het forfaitaire rendement op overige bezittingen bedraagt in 2025 nog 5,88%. In een wetsvoorstel was opgenomen dat dit in 2026 zou stijgen naar 7,78% door een extra verhoging van 1,78%. Ook in 2027 zou deze extra verhoging worden toegepast.

Deze extra verhoging gaat niet door. De Tweede Kamer heeft hiervoor namelijk een voorstel tot wetswijziging aangenomen. Hierdoor bedraagt het forfaitaire rendement op overige bezittingen in 2026 geen 7,78 maar 6%.

Let op!

Overige bezittingen is een restcategorie. Hieronder valt grofweg alles wat geen bank- of spaartegoed of schuld is. Denk aan onroerende zaken, aandelen, obligaties en vorderingen.

Lager werkelijk rendement?

Je kunt ook in 2026 een beroep doen op de tegenbewijsregeling. Dit kan als jouw totale werkelijke rendement in box 3 in 2026, berekend volgens de Wet tegenbewijsregeling box 3, lager is dan het totale forfaitaire rendement. Bij een geslaagd beroep betaal je dan geen belasting in box 3 over het forfaitaire rendement, maar over het werkelijke rendement.

Geen lager maar een hoger heffingsvrij vermogen

Ook het plan om het heffingsvrije vermogen te verlagen van € 57.684 in 2025 naar € 51.396 in 2026 gaat niet door. In het oorspronkelijke plan zou het heffingsvrije vermogen met ingang van 1 januari 2026 ook niet geïndexeerd worden. Ook dat plan is van de baan. Door een volledige indexatie komt het heffingsvrije vermogen in 2026 uit op € 59.357.

Tarief box 3

Aan het tarief in box 3 wordt niets gewijzigd. Net als in 2025 betaal je in 2026 36% over jouw forfaitaire of houw werkelijke rendement.

Versnelde afbouw aftrek geen of geringe eigenwoningschuld

De extra verhoging van het forfait met 1,78% en de verlaging van het heffingsvrije vermogen was bedoeld om een budgettair tekort te dekken. Dit was ontstaan doordat het nieuwe box 3-stelsel niet in 2026, maar pas in 2028 wordt ingevoerd.

In het aangenomen voorstel tot wetswijziging is hiervoor nieuwe dekking gevonden in de versnelde afbouw van de aftrek geen of geringe eigenwoningschuld. In plaats van een jaarlijks afbouwpercentage van 3,33% wordt het jaarlijkse afbouwpercentage 4,8%. De aftrek zal hierdoor met ingang van 2041 volledig afgebouwd zijn (in plaats van 2048).

Voor het jaar 2026 betekent dit dat de aftrek van het verschil tussen het eigenwoningforfait en de aftrekbare rente en kosten 71,82% bedraagt. Zonder deze versnelde afbouw zou dat in 2026 nog 73,34% zijn.

Let op!

Het voorstel tot wetswijziging is nog niet definitief. De Eerste Kamer moet hier namelijk ook nog mee instemmen.

Speciaal voor jou

UITGELICHT

Handboek Ondernemen 2026: praktische fiscale gids voor ondernemers
De Belastingdienst heeft het Handboek Ondernemen 2026 gepubliceerd. In dit handboek worden op een toegankelijke en duidelijke manier de fiscale aspecten toegelicht waarmee ondernemers te maken krijgen. Het biedt beknopte aanvullende informatie en is vooral gericht op startende ondernemers, maar ook zeer bruikbaar voor bestaande ondernemingen.
Lees verder
arrow right
Gebruikelijk loon bij meerdere bv’s: waar moet je op letten?
Ben je dga van meerdere bv’s, dan kan de Belastingdienst verlangen dat je in elke bv een gebruikelijk loon ontvangt. Dit kan ook spelen bij lage vergoedingen tot € 5.000 per jaar.
Lees verder
arrow right
Btw en buitenland 2026
Lever je goederen of diensten aan klanten buiten Nederland, dan kun je te maken krijgen met btw-regels in andere landen. Welke btw-regels gelden precies en waar moet je btw afdragen?
Lees verder
arrow right