Omnyacc

21 mei 2025

Nieuw box 3-stelsel per 2028 voorgelegd aan Tweede Kamer

Het wetsvoorstel voor box 3, gebaseerd op werkelijk rendement en met een beoogde ingangsdatum van 1 januari 2028, is ingediend bij de Tweede Kamer.

Werkelijk rendement

Als dit voorstel ongewijzigd en op tijd door de Tweede en Eerste Kamer wordt aangenomen, wordt in box 3 vanaf (beoogd) 2028 het werkelijke rendement op jouw vermogen belast. Dit werkelijke rendement omvat alle directe en indirecte rendementen.

Directe rendementen

Directe rendementen zijn bijvoorbeeld ontvangen rente op bank- en spaarrekeningen, ontvangen dividenden op beleggingen en ontvangen huuropbrengsten.

Indirecte rendementen

Bij indirecte rendementen moet je denken aan verkoopwinsten en verkoopverliezen op beleggingen en/of overige bezittingen. Naast deze gerealiseerde rendementen tellen echter ook ongerealiseerde rendementen mee. De jaarlijkse waardeontwikkelingen van jouw beleggingen en overige bezittingen behoren dus ook tot jouw indirecte rendementen.

Let op!

Voor onroerende zaken omvat het indirecte rendement de winst of het verlies bij verkoop. Je hoeft bij onroerende zaken echter niet de jaarlijkse waardeontwikkeling tot jouw indirecte rendement te rekenen. Ook bij aandelen in start-ups en scale-ups telt de jaarlijkse waardeontwikkeling niet mee, maar wel de winst of het verlies bij verkoop.

Kostenaftrek

Bij het berekenen van jouw werkelijke rendement mag je rekening houden met kosten zoals de betaalde rente, de kosten van een bankrekening, de kosten bij aankoop- en verkoop van jouw beleggingen en overige bezittingen en de onderhoudskosten van jouw onroerende zaken.

Tarief

Het voorgestelde tarief in box 3 vanaf 2028 bedraagt 36%. Je betaalt dan 36% belasting over jouw werkelijke rendement, verminderd met een heffingsvrij inkomen van € 1.800.

Let op!

Heb je in een jaar een negatief rendement, dan mag je dat in aftrek brengen op positieve rendementen in de volgende kalenderjaren. Er gaat wel een verliesdrempel van € 500 gelden. De eerste € 500 negatief rendement is dan dus niet verrekenbaar.

Vanaf 2028?

Het is nog lang niet zeker dat het nieuwe box 3-stelsel per 2028 ingaat. Om de beoogde ingangsdatum van 1 januari 2028 te kunnen halen, moet de Tweede Kamer uiterlijk op 15 maart 2026 met het wetsvoorstel instemmen.

Let op!

De wijze waarop het werkelijke rendement vanaf 2028 berekend wordt in dit wetsvoorstel, is afwijkend van de wijze waarop het werkelijke rendement in de jaren tot en met 2027 berekend wordt. Deze berekening is opgenomen in het wetsvoorstel tegenbewijsregeling box 3, dat nu ook nog bij de Tweede Kamer ligt. Beoogde inwerkingtreding van dit laatste wetsvoorstel is 1 juli 2025.

Speciaal voor jou

UITGELICHT

Scholingskosten voor algemene opleiding niet aftrekbaar
Sinds 2022 zijn scholingskosten in principe niet langer aftrekbaar. Toch lopen er nog meerdere procedures over de aftrek van scholingskosten die vóór 2022 zijn gemaakt. In één van deze zaken stond de vraag centraal of de kosten van een vwo-opleiding voor aftrek in aanmerking komen.
Lees verder
arrow right
Belasting over overwerk, bonussen en andere extra’s 2026
Waarom betaal ik over mijn overwerk, bonussen en andere extra vergoedingen meer belasting dan over mijn gewone salaris? Die vraag krijg je als werkgever waarschijnlijk regelmatig van werknemers. Maar hoe zit het nu werkelijk?
Lees verder
arrow right
Fiscale eenheid Vpb en btw 2026
Ondernemen via meerdere bv’s kan fiscaal interessant zijn als je deze – mits mogelijk – samenbrengt in een fiscale eenheid. Zowel voor de vennootschapsbelasting (Vpb) als voor de btw kan onder voorwaarden een fiscale eenheid worden gevormd.
Lees verder
arrow right