Omnyacc

21 augustus 2017

OZB: hoe zit voor het jou als huurder van een kantoorpand?

Zit je met jouw kantoor in een gehuurd pand? Dan draait de eigenaar van een zakelijk pand voor de eigenarenheffing OZB op. Jij als gebruiker van een kantoor moet de gebruikersheffing voor de OZB betalen. Maar dan moet je wel over een zelfstandig kantoor beschikken in dit pand. Wanneer is daarvan sprake?

Verschil met woningen

Voor woningen krijgt alleen de eigenaar een aanslag OZB. Voor niet-woningen, zoals kantoren, krijgt ook de gebruiker een aanslag OZB. Dit betreft de gebruikersheffing. Het moeten dan wel zelfstandige onroerende zaken zijn.

Let op!
Voor kantoren is sprake van een zelfstandige onroerende zaak als het kantoor redelijk afsluitbaar is en zelf beschikt over een toilet en pantry met koud en warm stromend water. Is één van deze zaken niet aanwezig, dan is er geen sprake van een zelfstandige onroerende zaak.

Wat zijn de gevolgen?

Huur je een dergelijke onroerende zaak, dan komt de gebruikersheffing van de OZB dus niet direct voor jouw rekening. De verhuurder zal de aanslag dan wel krijgen en deze in de huurprijs moeten verdisconteren. Dit maakt de huurprijs hoger en dus wordt het moeilijker de kantoren te verhuren.

Tip: je krijgt toch een aanslag?

Krijg je als huurder van een kantoor dat niet zelf over genoemde faciliteiten beschikt toch een aanslag gebruikersheffing OZB in de bus, ga dan in bezwaar en zo nodig in beroep. Geef aan dat jouw kantoor niet als afzonderlijk geheel kan worden gebruikt, omdat het niet over de benodigde faciliteiten beschikt. Dat deze faciliteiten mogelijk wel aanwezig zijn buiten het afsluitbare deel van jouw kantoor, doet niet ter zake. Daardoor blijft jouw kantoor dus onzelfstandig en hoef je een aanslag gebruikersheffing niet te accepteren.

Heb je vragen over de gebruikersheffing voor kantoren, neem dan contact met ons op.

Sandra Plukker

Sandra Plukker

Belastingadviseur

Accountant samenstelpraktijk
De uitdagingen variëren van zelfstandig relatiebeheer tot het coachen van het team. Het team bestaat uit een mooie mix van enthousiaste young professionals tot ervaren experts. Juist die young professionals willen veel van jou leren.
Lees verder
arrow right
UWV krijgt soms 52 weken voor WIA-herbeoordeling
Een werkgever kan het UWV vragen om een herbeoordeling van de mate van arbeidsongeschiktheid van een (ex-)werknemer op grond van de Wet WIA. Neemt het UWV niet binnen de wettelijke termijn van acht weken een besluit, dan kan de werkgever het UWV in gebreke stellen en vervolgens beroep instellen bij de rechtbank. Als dat beroep gegrond wordt verklaard, krijgt het UWV normaal gesproken twee weken om de herbeoordeling alsnog uit te voeren. Rechtbank Gelderland heeft hiervan afgeweken en geeft het UWV bij dit type herbeoordelingen voortaan in beginsel 52 weken. Rechtbank Limburg deed dit eerder ook al.
Lees verder
arrow right
Exact
Het online boekhoudprogramma waarmee je tijd overhoudt om te ondernemen
Lees verder
arrow right