Omnyacc

26 september 2025

Recht op 30%-regeling voor Oekraïense vluchtelingen?

Of een Oekraïense vluchteling in aanmerking komt voor de 30%-regeling, hangt onder meer af van de vraag of de werkgever hem of haar vanuit het buitenland heeft aangeworven. Rechters hebben hierover in meerdere zaken al uitspraken gedaan.

Rechtbank Noord-Holland: Oekraïner al woonachtig in Nederland

Zo oordeelde rechtbank Noord-Holland eind juli 2025 over een Oekraïner. Hij verblijft vanaf 10 mei 2023 in Nederland met zijn echtgenote en kind en is vanaf 11 mei 2023 ingeschreven in basisregistratie personen (BRP) op een Nederlands adres. De Oekraïner werkt tussen 1 september 2020 en 6 november 2023 op afstand voor een in Israël gevestigd bedrijf als freelancer.

Op 6 november 2023 tekent hij een arbeidsovereenkomst en op 13 november 2023 treedt hij in dienst bij een in Nederland gevestigde werkgever. Voor de toepassing van de 30%-regeling was in geschil of de Oekraïner uit een ander land was aangeworven. Daarvoor zou zijn woonplaats op het moment van aangaan van de arbeidsovereenkomst buiten Nederland gelegen moeten zijn.

De rechtbank oordeelde dat de woonplaats van de Oekraïner op het moment van aangaan van de arbeidsovereenkomst in Nederland was. De rechtbank oordeelde daarbij dat het motief van de verhuizing naar Nederland niet van doorslaggevende betekenis is. Verder nam de rechtbank onder meer in aanmerking dat de Oekraïner met zijn gezin al zes maanden in Nederland woonde, voordat hij de arbeidsovereenkomst aanging.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant: Oekraïner al woonachtig in Nederland

Ook rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelde begin 2025 dat een Oekraïner al woonachtig was in Nederland op het moment van aangaan van de arbeidsovereenkomst. De Oekraïner van wie zijn gezin vanaf 22 maart 2022 staat ingeschreven in Nederland en hij vanaf 28 september 2022, verblijft – volgens zijn eigen verklaring – vanaf 31 juli 2022 onafgebroken in Nederland. Tot oktober 2022 heeft hij op afstand gewerkt voor een Oekraïens bedrijf. Vier dagen na aankomst in Nederland stuurt hij een cv naar een Nederlandse werkgever, waar hij op 2 september 2022 een aanbod voor een baan krijgt. Hij sluit op 17 oktober 2022 een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd met de Nederlandse werkgever en start zijn werkzaamheden in de functie van solutions engineer op 18 oktober 2022.

Rechtbank Noord-Holland: Oekraïner nog niet woonachtig in Nederland

In een andere casus van medio 2024 kwam rechtbank Noord-Holland overigens wel tot het oordeel dat een Oekraïner bij de totstandkoming van de arbeidsovereenkomst nog in het buitenland woonde. Deze Oekraïner is in maart 2022 met zijn vrouw en kinderen naar Nederland gevlucht vanwege de oorlog in zijn thuisland. Zij hebben in Nederland een tijdelijk verblijfsrecht en een tijdelijke woning gekregen. In Oekraïne huren zij een appartement. Vanaf april 2022 tot en met augustus 2022 is de Oekraïner werkzaam geweest als opvarende op een schip dat onder Liberiaanse vlag in internationale wateren voer. Op 1 september 2022 sluit hij een arbeidsovereenkomst met een Nederlandse werkgever en op 11 oktober 2022 start hij met zijn werkzaamheden.

De rechtbank was van oordeel dat de Oekraïner op 1 september 2022 niet zijn woonplaats in Nederland had. Hij was dus een ingekomen werknemer en de 30%-regeling kon worden toegepast. Van belang bij dit oordeel was dat onder meer dat de Oekraïner de huurwoning in Oekraïne aanhield en de kosten daarvoor bleef betalen. Hieruit volgt dat niet de intentie bestond om langere tijd in Nederland te verblijven, maar dat het verblijf was ingegeven door de uitbraak van de oorlog in Oekraïne. Bovendien voer de Oekraïner tot en met augustus 2022 nog onder Liberiaanse vlag en had hij een tijdelijk verblijfsrecht.

Let op!

In deze casus loopt inmiddels hoger beroep bij een gerechtshof.

Speciaal voor jou!

UITGELICHT

Let op de fiscale gevolgen bij herroeping van een schenking van aandelen
Heb je aandelen in een bv geschonken, bijvoorbeeld aan je kind? In de schenkingsakte is vaak de mogelijkheid opgenomen om de schenking te herroepen. Houd er wel rekening mee dat het gebruik van zo’n herroepingsrecht fiscale gevolgen kan hebben.
Lees verder
arrow right
Claustrofobie geen reden voor lager tarief overdrachtsbelasting
Een koper die vanwege claustrofobie de lift niet meer durfde te gebruiken, kon het tarief van 2% overdrachtsbelasting niet toepassen op een woning waarin hij uiteindelijk niet ging wonen. Volgens de rechter was de claustrofobie in deze situatie geen bijzondere omstandigheid. Wat speelde er?
Lees verder
arrow right
Toch dwangsom bij vergoeding werkelijke schade toeslagenaffaire?
De Raad van State besliste op 3 juni 2026 dat de Dienst Toeslagen tot 3 juni 2027 geen dwangsommen hoeft te betalen bij het niet of te laat beslissen op verzoeken om vergoeding van de werkelijke schade in de toeslagenaffaire. Rechtbank Midden-Nederland wijkt hiervan af en legt toch dwangsommen op, maar hanteert wel een langere beslistermijn.
Lees verder
arrow right