Omnyacc

16 juni 2026

UWV krijgt geen extra tijd bij te late beslissing

Rechtbank Den Haag geeft het UWV geen langere termijn dan negen weken om een besluit te nemen na een beroep wegens het uitblijven van een beslissing waarvoor medisch advies van een verzekeringsarts nodig is. Hoe onderbouwde de rechtbank deze uitspraak?

Voorrang gestopt

Het UWV heeft sinds januari 2026 de werkwijze aangepast. De prioriteit is komen te liggen op het uitvoeren van de WIA- en Wajong-beoordelingen. Dit betekent dat verzoeken om herbeoordelingen en bezwaarzaken langer blijven liggen.

Het UWV gaf tot 1 januari 2026 voorrang aan dossiers waarin aanvragers in beroep waren gegaan bij de rechtbank vanwege het niet tijdig beslissen. Daardoor moesten aanvragers die geen beroep hadden ingesteld, langer wachten op een besluit. Vanaf 1 januari 2026 is dit onderscheid komen te vervallen.

Beroepsprocedure

Een belanghebbende heeft de mogelijkheid om naar de rechter te stappen als het UWV niet tijdig een beslissing neemt op een verzoek om herbeoordeling of in een bezwaarprocedure. Aan de rechter wordt gevraagd om het UWV te dwingen alsnog snel een besluit te nemen.

Let op!

De belanghebbende moet het UWV eerst schriftelijk in gebreke stellen en een extra termijn van maximaal twee weken geven om alsnog te beslissen. Beslist het UWV niet binnen die extra termijn dan kan pas de gang naar de rechter worden gemaakt.

De rechter bepaalt vervolgens of het UWV een beslissing moet nemen en zo ja binnen welke termijn. Om zijn uitspraak kracht bij te zetten zal de rechter hier een dwangsom aan verbinden.

Rechtbank houdt UWV aan beslistermijn van negen weken

In eerdere procedures in 2025 besliste rechtbank Den Haag over zaken waarbij het UWV geen tijdige beslissing nam omdat er een medisch advies van een verzekeringsarts nodig was. De rechtbank besliste toen dat het UWV binnen zes weken na de uitspraak van de rechtbank een medische beoordeling door een verzekeringsarts moest laten uitvoeren. Verder besliste de rechtbank dat het UWV binnen negen weken een besluit bekend moest maken.

De rechtbank Den Haag heeft nu voor de situatie vanaf 2026 geoordeeld dat de maximum beslistermijn van negen weken nog steeds passend is. Deze termijn wordt daarom niet verlengd. Bij het bepalen van die termijn heeft de rechter al rekening gehouden met het tekort aan verzekeringsartsen bij het UWV.

Het UWV heeft zelf voor de nieuwe werkwijze gekozen waarbij geen voorrang meer wordt verleend aan zaken waarvoor beroep is ingesteld. Dit betekent dat het UWV zich ook bij de financiële gevolgen heeft neergelegd als er een dwangsom moet worden betaald omdat de termijn die de rechtbank in haar uitspraak stelt, niet wordt gehaald.

Let op!

Dit is een oordeel van rechtbank Den Haag. Het is niet bekend of andere rechters hier hetzelfde over denken.

Speciaal voor jou

UITGELICHT

Tweede Kamer stemt in met wet Meer zekerheid voor flexwerkers
De Tweede Kamer heeft ingestemd met het wetsvoorstel Meer zekerheid voor flexwerkers, dat flexwerkers beter moet beschermen en hun positie moet versterken.
Lees verder
arrow right
CO2-rapportage werknemersvervoer 2025 vóór 1 juli 2026 indienen
Werkgevers met 100 of meer werknemers moeten uiterlijk 1 juli 2026 hun CO2-rapportage over het zakelijke verkeer en woon-werkverkeer van werknemers over 2025 indienen. Deze verplichting geldt ook nog voor bedrijven met maximaal 250 werknemers.
Lees verder
arrow right
Uitzendkracht krijgt na zeven jaar recht op vast dienstverband
Een Poolse uitzendkracht die ruim zeven jaar via een uitzendbureau voor Albert Heijn werkte, heeft met succes een vast dienstverband bij de supermarktketen geclaimd. De rechter stelde hem daarbij in het gelijk.
Lees verder
arrow right