RVO controleert met satellietbeelden de bodembedekking bij verschillende eco-activiteiten. Heb je bouwland op kleigrond? Dan kan RVO hiermee ook controleren of je voldoet aan de bedekkingseis vanuit GLMC 6. Wat houdt deze eis precies in en waar moet je rekening mee houden?
Binnen de GLB-conditionaliteit GLMC 6 geldt dat je op kleigrond in het najaar minimaal 80% van je bouwland bedekt moet hebben met een bodembedekker. Dit geldt voor 8 weken in de periode 1 augustus tot en met 30 november. Voor percelen zware kleigrond met een continuteelt van wintergewassen (wintergranen) in Oldambt of in de Hoeksche Waard geldt een vrijstelling.
De bodembedekker kan bestaan uit een gewas dat nog aanwezig is, een ingezaaid wintergewas, vanggewassen/groenbemesters, stoppels, mulchen en/of plantenresten.
De periode van 8 weken hoeft niet aaneengesloten te zijn. Laat je bijvoorbeeld het hoofdgewas of een graanstoppel tot half september staan en zaai je begin november een volgteelt in, dan kun je voldoen aan de 8 weken bodembedekking.
De bedekkingseis geldt op bedrijfsniveau: minimaal 80% van het areaal bouwland op kleigrond moet bedekt zijn volgens de genoemde voorwaarden. Maximaal 20% van je bouwland mag nog wel meer dan 8 weken ‘zwart’ liggen.
Naast de bedekkingsvoorwaarden voor bouwland op kleigrond gelden vanuit GLMC 6 nog andere voorwaarden voor alle grondsoorten. Het betreft onder andere eisen omtrent graslandvernietiging. Raadpleeg je adviseur als je hier vragen over hebt.
Graanstoppels of gewasresten tellen mee als bodembedekker. Het is de vraag of RVO dit met satellietbeelden kan constateren. Maak zo nodig foto’s zodat je bij controle bewijsmateriaal hebt.