Omnyacc

13 januari 2026

Partnerpensioen volgens de Wet toekomst pensioenen (Wtp)

Een van de kernpunten van de Wtp is dat alle werkenden een voldoende pensioen opbouwen. Dit omvat ook het partnerpensioen, dat in de Wtp eenvoudiger is gemaakt.

Wie krijgt partnerpensioen?

Iedereen met een partner heeft onder de Wtp recht op een partnerpensioen. Dit geldt dus niet alleen voor gehuwden en geregistreerde partners, maar ook voor samenwonende partners. Deze laatste groep hoeft daartoe geen samenlevingscontract te hebben, maar kan na overlijden nog met een samenlevingsverklaring aantonen partner te zijn.

In de praktijk betekent dit dat voor iedereen op basis van een ‘huwelijks-/samenlevingsfrequentie’ een partnerpensioen wordt verzekerd. Dat is makkelijker dan steeds bijhouden wie wel, geen of niet meer een partner heeft. Vanaf 18 jaar komt een werknemer dus ook in aanmerking voor partnerpensioen.

Let op!

Er geldt geen plicht om een partnerpensioen toe te zeggen.

Hoeveel mag het partnerpensioen zijn?

Het partnerpensioen mag maximaal 50% van het salaris zijn. In de praktijk blijkt dat 25 tot 35% gebruikelijk is. Als een (oudere) werknemer nog recht heeft op een opgebouwd partnerpensioen – al dan niet premievrij vanuit een vorige werkgever –, dan komt dat boven op het nieuwe partnerpensioen. Ook al wordt gebruikgemaakt van het overgangsregime na 2028 voor zittende werknemers met een (stijgende) beschikbare premiestaffel, het partnerpensioen moet voor iedereen voldoen aan de Wtp. Er moet voor worden gezorgd dat het nieuwe partnerpensioen vergelijkbaar is met het oude. Indien nodig kan een werknemer dan kiezen voor een persoonlijke aanvulling.

Hoe wordt het verzekerd?

Alle partnerpensioenen worden op risicobasis verzekerd. Bij uitdiensttreding – en dus ook voor diegenen die zzp’er worden – vervalt de verzekering. Wel wordt de verzekering automatisch voortgezet voor personen die ‘in between jobs’ (WW-periode) zitten en kan het nadien vaak vrijwillig voortgezet worden. Het partnerpensioen wordt dan gefinancierd uit de spaarpot voor het ouderdomspensioen. Op de pensioeningangsdatum moet opnieuw worden gekozen of, en zo ja hoeveel, partnerpensioen er wordt ‘aangekocht’.

Wezenpensioen

Tot slot moet het wezenpensioen in de Wtp, als dat wordt toegezegd, tot de leeftijd van 25 jaar duren. Een andere leeftijd is niet meer toegestaan. Nu is het nog tot 18 of maximaal 30 jaar. Het wezenpensioen bedraagt dan maximaal 10% van het salaris voor een halve wees en 20% voor een volledige wees. Ook dit wordt weer op risicobasis verzekerd.

Let op!

Het nieuwe partnerpensioen is niet moeilijk, maar moet wel én goed geregeld, én goed gecommuniceerd worden.

Speciaal voor jou

UITGELICHT

Belastingdienst staat nominale waardering box 3 toe
De Belastingdienst staat onder voorwaarden toe dat je vorderingen en schulden in box 3 waardeert tegen de nominale waarde in plaats van de waarde in het economische verkeer.
Lees verder
arrow right
Mkb stelt investeringen uit door oplopende kosten en onzekerheid
Mkb-ondernemers stellen hun investeringen steeds vaker uit. Ook in 2025 blijft er minder winst over om te investeren. "De mkb-ondernemer houdt de adem in. Dat investeringen achterblijven is zorgwekkend, omdat dit leidt tot stilstand in plaats van groei. Juist nu het mkb voor grote uitdagingen staat, zijn investeringen en innovatie belangrijk", aldus Pieter van der Kwaak, bestuurslid van SRA.

Lees verder
arrow right
Controleer tijdig je beschikking Wtl 2025
Heb je over 2025 recht op één of meer loonkostenvoordelen (lkv’s)? Dan ontvang je tussen begin juni en eind juli 2026 de beschikking Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl) 2025 van de Belastingdienst. Controleer deze zorgvuldig en maak indien nodig tijdig bezwaar.
Lees verder
arrow right